Weblog Els Aeyels

De kleine prins

26 / 04 / 2010

Donderdag 22 april, 8u30. Bij het wakker worden zie ik een flitsbericht op mijn GSM. Ik lees dat de nachtelijke onderhandelingen geen akkoord over B-H-V hebben opgeleverd. Ach ja, denk ik, het omgekeerde zou nieuws zijn.

Zoals dat gaat de zeldzame keren dat ik niet voor dag en dauw uit bed strompel, geniet ik van het rondlummelen en niks doen. Of toch niks nuttigs. Als ik eindelijk de douche uit kom, heb ik opnieuw een sms. Open VLD zegt het vertrouwen in de regering op, staat er.

Vandaag niet

Shit, denk ik. En meteen daarna overvalt me een vreemde mengeling van tegenstrijdige gevoelens. Teleurstelling, omdat ik deze dag van hoogspanning alleen van op afstand zal beleven en niet in het middelpunt van de storm. Nieuwsgierigheid. Hoe zou de sfeer zijn op de redactie? Wie gaat wat doen? Is alles onder controle of heerst er chaos?

Maar vooral een zeurende angst. Angst dat mijn telefoon zal gaan en dat mijn vrije dag er aan is. Als dit nieuws op eender welke andere dag was gevallen, dan had ik zelf gebeld om te vragen of ik kon helpen. Maar niet vandaag, want vandaag heb ik iets belangrijks te doen.

Ik moet in elk geval om 12u naar het nieuws luisteren, bedenk ik. Maar dat lukt niet omdat de file in de broodjeszaak zo lang is dat het nieuws voorbij is tegen dat ik weer de auto in stap.

Mijn petekind

Om half één kom ik aan op mijn bestemming. Het huis van mijn petekind, vandaag precies twee weken en een dag oud. Zijn mama heeft de radio opstaan en vraagt wat er precies aan de hand is met die regering. En of het belangrijk is. Ja, zeg ik, belangrijk ja. Maar dan raak ik afgeleid want voor het eerst houdt hij, in mijn bijzijn, zijn ogen langer dan enkele seconden open.

We raken er niet uit of ze nu een onbestemd donkerblauw zullen blijven of toch bruin zullen worden, maar dat ze om-in-te-verdrinken-mooi zijn, dat is duidelijk. En dan lacht hij. Ja, ik wéét dat zulke kleine baby’s niet lachen, dat het een reflex is, maar toch lacht hij. Zijn mama geeft me gelijk. Ik denk dat ik verliefd ben.

We gaan aan tafel. Hij zit in zijn Maxi Cosi tussen ons in. Net wanneer ik een volgende poging onderneem om te verduidelijken wat er aan de hand is in de Wetstraat, krijgt hij krampjes. Ik wandel met hem rond en wrijf over zijn buikje, terwijl zijn mama voort eet. Daarna wisselen we.

Een kleine Jezus

We gaan in de zetel zitten. Ik hoor dat collega Lode al begonnen is aan een marathonuitzending van Vandaag. En ik bedenk hoe goed hij is op grote nieuwsmomenten. Maar mijn aandacht verschuift van Lode al snel naar een andere jongen. Hij ligt op mijn buik, zijn armpjes open, mijn bloes vastgekneld in zijn vuistjes, een kleine Jezus aan het kruis.

Zijn papa belt. Zijn mama vertelt dat hun zoon de slaap der gelukzaligen slaapt en dat hij gezien de strategische positie van zijn hoofdje wellicht een “borstenman” zal worden.

Om kwart over drie krijgt hij honger, net als zijn mama zijn zus van school moet halen. Dus geef ik hem zijn flesje. Ergens op de achtergrond hoor ik collega’s Marc en Johny vertellen over een vergadering van fractievoorzitters en het agenderen van een wetsvoorstel. Mijn petekind zuigt alsof zijn leven er van afhangt. Wat strikt genomen ook zo is.
Zijn zus komt thuis en we eten poffertjes. We, dat zijn zijn mama en ik. Want hij slaapt en zijn zus huppelt kirrend achter “een vlindertje, een vlindertje, kijk mama, een vlindertje!” aan. Wat is het leven mooi als je drie bent, zuchten zijn mama en ik.

Linda in gevecht

Ik stap te laat in de auto om het nieuws van vier uur te halen en ik stap er uit voor dat van vijf begint. Dat bulletin mis ik omdat ik er door de werken in mijn straat meer dan tien minuten over doe om mijn eigen voordeur te bereiken.

Ik plof in de zetel, zet de televisie aan en zie Linda De Win in gevecht met een microfoon, “den draad”, een heel journalistengild en tientallen politici die niet weten waar hun hoofd staat. Ze bereikt de Kamervoorzitter die uitlegt dat er die dag geen zitting meer zal zijn. Zoals dat gaat met belangrijke mensen op belangrijke momenten, is de voorzitter op de thee geweest bij de koning.

Ach, denk ik, who cares about de koning. Morgen misschien. Vandaag is voor de kleine prins.

@Allen: uw reactie is welkom als u zich houdt aan de regels voor deelname aan onze discussieforums - mod

4 Antwoorden op “De kleine prins”

  1. Wouter Zegt:

    A slice of life
    Alles is relatief
    De ideale verlofdag

    Een ganse dag niet met je werk geconfronteerd worden, en rustig genieten van dit kleine wonder… Ik wens je nog heeeeeeeeeeel veel aangename en relativerende momenten met je petekind.

    P.S.: zouden die heren en dames politici even vertederd en relativerend zijn als ze allemaal een pasgeboren baby op hun schoot hebben tijdens de onderhandelingen? Als te luid roepen wordt afgestraft met een huilconcert… :-P

  2. peter Zegt:

    Hij lacht omdat jij denkt dat hij lacht. Dus lacht hij. Hoe klein de baby ook is.

  3. lieve Nys Zegt:

    Dag Els,

    Ik lees hier juist je BlogArcive De kleine Prins,

    en kan je mededelen dat ik ook voor de kleine gewone prins of prinses ben.

    Wist je dat het boek van de “Kleine Prins” van A.ntoine de Saint-Exupéry één van mijn lievelingsboeken is.

    Nog lieve groetjes van

    Lieve

  4. Nathalie Zegt:

    Leuk geschreven Els! En helemaal gelijk!

Plaats een antwoord op het bericht